Op het grondgebied van de hoofdstad Praag bevinden zich een aantal kerkelijke monumenten van verschillende architectonische stijlen en confessies. De Sint-Vitus, Václav en Vojtěchkathedraal is het meest bekende kerkelijke monument van Praag en het vormt haar karakteristieke dominant. Op de plaats van twee oudere tempels heeft het keizer Karel IV laten bouwen, in verband met de verheffing van het Praagse bisdom tot aartsbisdom en als de hoofdkathedraal van het hele koninkrijk. De hoofdarchitecten van de gotische kathedraal van het Franse type waren Matyáš van Arras en Petr Parléř. In het begin van de 15e eeuw is het bouwen van de kathedraal voor honderden jaren stilgezet. De kathedraal is pas afgebouwd door de Vereiniging voor het afmaken van de Sint-Vituskathedraal, bijna zes honderd jaar nadat men met de bouw begonnen is. De kathedraal is feestelijk ingewijd ter gelegenheid van de naamsdag van Sint-Václav en ter herdenking van duizend jaar vanaf zijn vermoording. De heiligste ruimte van de kathedraal is de Sint-Václav kapel waarin de Tsjechische kroonjuwelen worden bewaard. De kathedraal is niet alleen de koninklijke schatkamer maar ook de koninklijke groeve waarin veel belangrijke personen uit de nationale en Europese geschiedenis begraven liggen.
De meest bekende bedevaartplaats van Praag en de meest bekende bedevaartplaats van Tsjechië in het buitenland is de Maria Triomfatakerk (Kostel Panny Marie Vítězné). Deze vroeg-barokke kerk bevindt zich in de Karmelitská straat in de wijk Malá Strana. De aandacht van de bedevaartgangers wordt getrokken door het liefbeeldje van het Praagse Jesuskindje dat over de hele wereld bekend staat als Bambini de Praga. Dit beeldje staat op het rechte zijaltaar al vanaf het jaar 1628.. Een belangrijke gebeurtenis uit de geschiedenis van de kerk was de kroning van het Praagse Jesuskindje die in 1655 plaats heeft gevonden. Het beeldje bevindt zich in een zilveren kistje en er hoort een „garderobe“ van kostbare geborduurde en versierde manteltjes bij, van verschillende kleuren. Het meest waardevolle ervan is eigenhandig geborduurd door de Oostenrijkse keizerin Marie Terezie. Het renaissancistische wassenbeeldje dat uit Spanje afkomstig is, is aan de karmelieten geschonken door mevrouw Polyxena van Lobkovice.
Bij de oudste Praagse kloosters hoort het benedictijnse klooster van Břevnov, het premonstratenzer klooster op Strahov en het kapucijner klooster met een Loreta, dat door een barokke klokkenspel beroemd is en een schatkamer met de loretaanse schat erin. Volgenede belangrijke kerkelijke monumenten zijn de Sint-Nicolaaskerk in Malá Strana, die door vader en zoon Dientzenhofer gebouwd is in de top-barokke stijl in de 18e eeuw, het monumentale complex van het barokke Klementinum, het voormalige jezuïetencollege, waarvan de bouw bijna twee honderd jaar heeft geduurd en de Bethlehemkapel,. een symbool van de Hussietenbeweging in Bohemen, omdat Meester Jan Hus er vanaf het begin van de 15e eeuw predikte.
Het areaal van de Praagse Joodse Stad wordt gevormd door het Oude Joodse begraafplaats, stadhuis, ceremonie-zaal en zes synagogen: Staronová (Oud.nieuwe), Pinkasova, Maiselova, Španělská (Spaanse), Klausová en Vysoká (Hoge). De Joodse Stad is ontstaan in de 13e eeuw maar is sterk aangetast door de grootschaalige sloopactiviteiten in de wisseling van de 19e en 20e eeuw. Hoewel er slechts enkele meest belangrijke monumenten bewaard zijn gebleven van de honderden jaren durende geschiedenis van de Praagse Joden, vormt de Praagse Joodse Stad toch het grootste bewaarde geheel aan Joodse monumenten in Europa.





